Bepaalde gebieden van de hersenen werken bij kinderen (en volwassenen) met autisme anders dan bij een gemiddeld kind. Onder andere het gebied waar informatie verwerkt word. Kinderen met autisme ontvangen alle informatie, ‘prikkels‘, apart. Normaal gesproken plaats een kind informatie die binnen komt in een context, het ‘referentiekader’. Eerdere ervaringen worden ‘opgeslagen’ en gekoppeld aan nieuwe ervaringen. Hierdoor kan een kind verbanden leggen, sociale interactie begrijpen en informatie op de bedoelde manier interpreteren.

Bijvoorbeeld een vader die tijdens een potje stoeien tegen zijn kind zegt: ‘ik ga je opeten!’. De meeste kinderen vinden het best spannend, maar vooral erg leuk en snappen dat hun vader ze niet echt gaat opeten. Kinderen met autisme kunnen de boodschap letterlijk nemen en dus echt denken dat hun vader ze wil opeten. Een kind kan hier oprecht overstuur van raken en zautistic child areaelfs agressief reageren.

 

Omdat prikkels apart binnen komen en autistische kinderen informatie moeilijk kunnen afweren, is de omgeving bepalend voor deze kinderen. Hiermee bedoel ik niet dat een kind minder autistisch is als de omgeving optimaal is, maar dat de gevolgen van autisme minder belastend kunnen zijn. Het vraagt dus veel van ouders om een kind met autisme op te voeden en om goed met hun kind te communiceren. Zoals het bord op het plaatje hiernaast aangeeft, houden ouders bij alles rekening met het autisme van hun kind.

Wat kun je verwachten van je kind met autisme?

Informatieverwerking gaat bij autistische kinderen dus anders dan bij anderen. Verwacht dus niet dat je kind dingen wel begrijpt. Voor ons zijn sommige dingen logisch, maar voor een kind met autisme ligt dit anders.

Soms voelt het alsof je kind je voor de gek houd, maar dat is meestal niet aan de orde. Autistische kinderen nemen boodschappen letterlijk. Pas je verwachtingen aan op je kind. Van een gemiddeld kind kun je andere dingen verwachten dan van een kind met autisme. De kunst is om je kind te blijven uitdagen, maar niet te overvragen. Dit voorkomt frustraties bij je kind én bij jezelf en zorgt ervoor dat je kind zich optimaal kan ontwikkelen.

Sanne (8) fietst met haar vader door het park. Vader zegt: ‘we gaan zo meteen gewoon rechtdoor’. Er komt een bochtje aan, maar Sanne stuurt niet mee. Ze rijdt zo het gras in en valt om met haar fiets. Vader vraagt verontwaardigd waarom Sanne niet stuurde in de bocht?! Sanne antwoord woedend dat híj zei dat ze rechtdoor moest fietsen!!

Kinderen met autisme pikken het sociale deel van een boodschap niet op. Zij nemen alles letterlijk en begrijpen sarcasme niet. Bijvoorbeeld een moeder die aan haar buurvrouw vraagt hoe het gaat. De buurvrouw antwoord dat ze zich wel eens beter heeft gevoeld. Wij begrijpen dat dit betekent dat het niet zo goed gaat met de buurvrouw.

Een kind met autisme zal dat waarschijnlijk niet uit dit antwoord halen; het feit dat zij zich wel eens beter gevoeld heeft, is niet een concreet antwoord op de vraag hoe het nu gaat met de buurvrouw.

Tips om de communicatie te vergemakkelijken

Best ingewikkeld om een kind met autisme te bereiken, onder andere omdat inleven in de belevingswereld van deze kinderen lastig is en de kinderen zich vaal afsluiten van de buitenwereld. Toch hebben de meeste ouders al snel manieren gevonden om te communiceren met hun kind. Ieder kind is natuurlijk uniek, maar hieronder een paar algemene tips die helpen bij het communiceren met een kind met autisme.

Contact

Zorg ervoor dat je contact hebt met je kind. Er komt veel op een kind af, maar er gaat ook veel langs het kind heen. Oogcontact is voor autistische kinderen vaak moeilijk. Als je dit zelf niet belangrijk vind, is dit niet noodzakelijk. Als het kind maar hoort wat je zegt (dus bijvoorbeeld even stopt met spelen of televisie kijken).

Tijd

Veel kinderen met autisme hebben even tijd nodig om informatie te verwerken. Wacht dus rustig op antwoord, de informatie moet eerst even ‘landen’.

Structuur

Autistische kinderen hebben baat bij structuur. Dit is een belangrijk aspect in de opvoeding van kinderen met autisme. In communicatie is structuur onder andere te bieden middels visuele ondersteuning. Op deze manier is namelijk erg duidelijk wat er verwacht word van het kind. Het is voorspelbaar, overzichtelijk en neutraal. Het bevordert tevens de  zelfstandigheid van kinderen (met autisme). Voor meer informatie hierover kun je de PEP-methode raadplegen.

Visuele ondersteuning kan ook geboden worden in de vorm van gebaren. Als je iets vertelt, kun je dit ondersteunen door uit te beelden wat je zegt. Denk bijvoorbeeld aan een duim als je een compliment geeft, een opgestoken hand als het kind ergens mee moet stoppen etc.

Kort en Duidelijk

Kinderen met autisme hebben moeite met het verwerken van informatie. Maak het gemakkelijker door korte zinnen te gebruiken en duidelijk te zeggen wat je bedoeld. Vertel niet teveel tegelijk en let erop dat je kind niet halverwege afhaakt. Als dit gebeurd, kán dit betekenen dat het teveel informatie in één keer is.

Concrete taal

Gebruik in de communicatie concrete taal. Vermijd woorden met een dubbele betekenis en ook spreekwoorden en gezegden.  ‘Ik schrik me een hoedje’, ‘Ik voel me als een vis in het water’, zijn onduidelijke zinnen voor kinderen met autisme. Dit kan voor onzekerheid en frustratie leiden. Als je dit wel zegt, leg dan uit dat dit een spreekwoord is; dat je iets anders bedoeld dan wat je zegt.

Beloon en ondersteun

Zoals alle kinderen, zijn ook kinderen met autisme gebaat bij complimenten. Geef complimenten en benoem vooral ook wát het kind goed doet! Ondersteun je kind daarnaast om zelf duidelijk te maken wat hij/zij bedoeld. Dit is voor autistische kinderen nogal eens een opgave. Blijf je kind uitdagen; ook al weet je wel wat je kind bedoeld, probeer het kind op een adequate manier vragen te laten stellen en dingen te vertellen. Zo ontwikkeld het kind sociale vaardigheden.

Een kind met Autisme opvoeden valt niet altijd mee.. Ontdek snelle, gemakkelijke en EFFECTIEVE technieken die je direct kunt toepassen!